8 augustus 2016

Schat in park

By In heinde 4 min

Ooit vroeg een collega of ik in de pauze met haar meeging om een schat te zoeken. Naar het scheen lag er één in een nabijgelegen park. Ik zei ja, want behalve de verlepte ficus naast mijn bureau zag ik op werkdagen geen groen.
Keuvelend liepen we naar het park, waar zoveel bomen stonden dat ik enthousiast omhoog sprong, aan een tak zwiepte, snelheid maakte en een dubbele salto maakte.
‘Even serieus nu,’ zei mijn collega.
Ze tuurde op haar smartphone. Behalve de coördinaten van de schat, stond er op de app ook een tip: we moesten op zoek naar ‘een natuurlijke V’.
‘Een kruising,’ zei ik. ‘Een splitsing.’
Voor mij stond een eik die door de bliksem was getroffen en in tweeën was gespleten. Vastberaden stapte ik tussen de stronken en de distels, op zoek naar de schat; een doosje, kistje of iets dergelijks.
‘Denk erom,’ riep mijn collega vanuit een naburig struikgewas. ‘Het kan ook heel klein zijn!’
Ik schuifelde tussen de bladeren en zocht tussen de stronken. Geen doosje, ook geen heel kleine. Ik scharrelde verder naar de volgende boom. Ik duwde takken opzij, verjoeg vogels, vertrapte sneeuwklokjes en uiteindelijk was niets me meer te gek en kroop ik snuffelend als een hond over de grond.
‘Heb je al iets?’ vroeg mijn collega.
Ik had van alles, namelijk bemodderde schoenen, een ladder in mijn panty en uitslag van de brandnetels op mijn handen. Maar zelfs in deze deplorabele toestand zag ik mogelijkheden, vooral in de top van een berkenboom, want daar glinsterde iets. Iets kleins. Ik klemde mijn tas tussen mijn tanden, haakte mijn hakken in de boomschors en zo klom ik omhoog.
Halverwege zag ik al dat het een aluminiumpapiertje was. Maar het uitzicht was geweldig. Ik bleef dus nog even op een tak zitten.
‘De pauze is voorbij,’ riep mijn collega. ‘Verzamelen!’
Ik liet me vallen. We klopten onze kleren schoon, ik hing mijn tas keurig over mijn schouder. Besmeurd, bezweet en met kleefkruid in het haar liepen we terug naar ons werk. We trokken een modderspoor door het gebouw, maar niemand zei er wat van, want omdat wij flexwerkers de achterstanden moesten wegwerken werd er van ons heel wat getolereerd.
De rest van de middag waren we bezig met het ontleden van de aanwijzingen en coördinaten. Per e-mail speelden we elkaar onze bevindingen door. In een Exelbestand hield ik mijn wiskundige berekeningen bij. Ook deed ik iets ingewikkelds met de stand van de zon, rechthoekige driehoeken en kwadratische berekeningen. Ik kreeg zelfs een complimentje en een knipoog van de teammanager omdat ik zo hard werkte.
Uiteindelijk, na heimelijk beraad bij het koffiezetapparaat, waren we eruit. De dag erop zouden we op pad gaan met een opblaasbootje en een duikpak met snorkel en zuurstoffles, want het kón niet anders of de schat lag op de bodem van de vijver, die natuurlijke V.