20 oktober 2018

Ketel en kaars

By In heinde 4 min

Dave kwam binnen met een ‘môgge’ en een gereedschapskist voor de jaarlijkse controle van de cv-ketel. Hij hing zijn jas over een stoel en klikte zijn gereedschapskist open op het aanrecht.
‘Koffie?’ vroeg ik.
‘Ik lust wel een lekker bakkie,’ zei hij.
Hij stapte op het krukje in de keuken en haalde het beschermingspaneel weg. Met een schroevendraaier tikte hij op de ketel, op buizen, meters en schroefjes.
‘Mooi,’ zei hij.
Met de slang vulde hij het water bij. De drukmeter steeg tot boven de 2 bar, maar daarna daalde het weer tot net boven de 1.
‘Het expansievat lekt,’ zei hij.
‘Maar dat is een paar maanden geleden nog gecontroleerd,’ zei ik. ‘Dat vat was naar beneden gezakt en toen hebben ze ‘m weer opgehangen.’
‘En hoe zou dat komen?’ vroeg Dave. ‘Dat ‘ie zomaar naar beneden zakte?’
Even dacht ik dat hij met zijn schroevendraaier op mijn hoofd zou tikken om te controleren of ik nog werkte.
‘Omdat ‘ie te zwaar was?’ zei ik.
‘Precies. Geen druk.’ Hij schudde zijn hoofd. ‘Sjongejonge. Wie hebben die verhuurders op jou afgestuurd?’
Met zijn mobiel maakte hij foto’s van het expansievat en de buizen achter de ketel.
‘Moet vervangen worden.’ Hij stapte van de stoel en ging aan de tafel zitten en roerde drie schepjes suiker door de koffie. Op zijn tablet tikte hij een bericht in.
Misschien, dacht ik, was het lek voor de verhuurder een mooie aanleiding om een warmtepomp te installeren, de ramen eindelijk eens van dubbel glas te voorzien, de spouwmuren te vullen, het dak te isoleren en zonnepanelen te installeren, zodat deze negentiende-eeuwse woning klaar was voor de eenentwintigste eeuw.
‘Een nieuw expansievat.’ Dave nam een slok koffie. ‘Rood of wit?’
‘Wit,’ zei ik.
‘Ja, ik denk altijd maar zo, ik vraag het maar even, want die verhuurders bestellen meestal een rood vat,’ zei hij. ‘Is twee euro goedkoper.’
‘Oh,’ zei ik.
‘Twee buizen lekken ook, en die rubberen ringen zijn versleten, dus die moeten ook vervangen worden,’ zei hij. ‘Ik hoop voor je dat je verhuurder snel reageert, maar het kan wel even duren. Van je buurvrouw hoor ik net dat ze ook al drie weken wacht.’
Dat verbaasde me niets. De meeste problemen in onze huizen vielen volgens de verhuurder onder ‘klein onderhoud’ en dan ‘mogen we van de huurders vragen het zelf op te lossen’. Alles wat niet onder dat klein onderhoud viel, zoals optrekkend vocht, scheuren in balken en muren ‘hoorde bij een oud huis’.
‘Die verhuurders,’ zei hij. ‘Dieven zijn het.’
Dave tikte met de schroevendraaier tegen de rand van de tafel en keek over zijn kopje koffie naar mijn expansievat, wit en lek.
‘Ik ben blij dat ik een huis heb gekocht vier jaar geleden,’ zei hij. ‘Ik betaal de helft aan hypotheek als wat mijn buurvrouw onder mij aan huur betaalt. Dat is toch belachelijk, niet dan?’
Ik knikte.
‘Als je over tien dagen nog niets gehoord hebt, moet je me even bellen.’ Hij stond op en klikte zijn gereedschapskist dicht. ‘Want zo kom jij de winter niet door.’
Ik zag mezelf met wollen dekens en waxinelichtjes omringd, nippend aan een kop warme chocolademelk.
‘Dieven zijn het.’ Hij liep naar de deur en gaf me een hand. ‘Dieven.’