1 maart 2019

Grenzen

By In heinde 3 min

‘Mevrouw Jansen, ik moet nu écht ophangen, want…’
‘Goed, mevrouw Jansen.’
‘Hmm. Hmm.’
‘Ja. Ja.’
‘Dat begrijp ik.’
‘Mijn leidinggevende…’
‘Ik vind het héél vervelend dat de schoonmaakster niet is gekomen vanochtend, maar ik…’
‘De derde keer binnen een maand. Hmm.’
‘Dat kan ik niet met zekerheid zeggen, want ik moet overleggen met mijn leidinggevende en die neemt dan zo snel mogelijk met u contact op.’
‘Zo snel mogelijk, mevrouw Jansen.’
‘Binnenkort, ja.’
‘Waarschijnlijk wel.’
‘Het spijt me dat ik u…’
‘Ik moet nu echt…
‘Mijn leidinggevende…’
‘Ik móet u helaas onderbre…’
‘Een andere schoonmaakster?’
‘U wilde niet dat…’
‘Precies.’
‘Hmm. Hmm.’
‘Ja. Ja.’
‘Ik heb het in het systeem genoteerd, mevrouw Jansen.’
‘Inderdaad, de kaartenbak.’
‘Maar ik heb nu een afspraak in…’
‘Nee, niet met uw schoonmaakster.’
‘Dag, tot ziens, vaarwel.’
‘Ja, binnenkort.’
‘Waarschijnlijk wel.’
‘Een prettige dag nog, mevrouw.’
‘Nee, ik begrijp dat het geen prettige dag voor u is, mevrouw Jansen, maar…’
‘Hmm. Hmm.’
‘Ja. Ja.’
‘Nee, ík kom niet bij u schoonmaken.’
‘Als u klachten heeft over de schoonmaakster…’
‘Ja, maar ik wil u nog wel even meegeven dat het héél belangrijk is dat u ook zélf uw grenzen aangeeft.’
‘Mevrouw Jansen?’
‘Bent u daar nog? ‘
‘Hallo?’