19 maart 2021

De Groene Eland

By In media 4 min

Op een mei-ochtend in 1971 hoorde Georg Hadeler toevallig bij de bakker dat de Zweedse meelbessen in de Elandstraat gekapt zouden worden. “Ik ben naar de buurvrouw gegaan en we zeiden: daar moeten we iets aan doen!” Met andere buurtbewoners kwamen ze samen om te protesteren; het begin van De Groene Eland.
“In principe was het een soort actiegroep – nou ja, je kon het eigenlijk geen actiegroep noemen, we waren gewoon mensen die zich interesseerden voor de wijk.” Georg Hadeler (80) vertelt over de beginperiode van bewonersorganisatie De Groene Eland op zijn zolderkamer, waar hij als kunstenaar zijn atelier heeft. Een bureau, potloden en penselen in potten, een schildersezel, en op de grond, tegen de archiefkasten, werken die net zijn teruggekomen van een expositie in Pulchri Studio. Vanuit het dakraam is het Vredespaleis te zien, en op oudejaarsavond het vuurwerk in Scheveningen. Nu tikken regendruppels tegen de ruiten.
De buurtbewoners protesteerden destijds niet alleen tegen hondenpoep en de opening van de Konmar, maar ook tegen de kap van de bomen aan de Elandstraat, die uiteindelijk toch werden weggehaald, en tegen de sloop van de Mutters Meubelfabriek. Georg: “Een fantastisch gebouw, waar onder andere het interieur voor de Titanic werd gemaakt.”
Ze ontwierpen affiches, beplakten ramen en maakten de Elandkrant. Het in elkaar zetten van de wijkkrant, voorloper van het Zeeheldennieuws, was nog niet zo eenvoudig. “De eerste Elandkranten waren geplakt met wrijfletters. Je had geen fotokopie, dus we stencilden alles. Maar het was een geweldige tijd. Veel saamhorigheid, betrokkenheid, samenzijn.”
Georg Hadeler kwam in de jaren zeventig in de Tweede de Riemerstraat wonen. Eerst huurde hij er een kamer, later kocht hij een huis verderop in de straat. Met zijn buurvrouw Anke de Vries, kinderboekenschrijfster, en andere buurtbewoners discussieerde hij tot diep in de nacht over uiteenlopende zaken. Eerst op zolderkamertjes, later in de kerk bij Elandstraat, en een winkel in de Piet Heinstraat. Een wijkcentrum was er nog niet.
In diezelfde periode ontstonden tijdens discussieavonden ideeën over wat later het eerste woonerf van Nederland zou worden, de Tweede de Riemerstraat. ‘We maakten altijd plannen over wat we zouden kunnen doen,’ zegt Georg. Hij maakte krabbels van het erf, studenten uit Delft maakten tekeningen. Onder het dakraam laat hij het archief zien; brieven, papieren, foto’s over de voortgang van het proces. Het erf kwam er. Een foto van de feestelijke opening op 12 juni 1976 laat een straat zien vol mensen. De doeken die Georg schilderde voor het boekenbal hingen in Kodibrand, die ze voor de gelegenheid tot bar hadden omgedoopt. Er was muziek, zon, vrolijke bewoners.
Met het erf ontstond ook een traditie. Iedere eerste zaterdag van de maand – “nu iets minder regelmatig” – gaan de bewoners van de Tweede de Riemerstraat gewapend met een bezem het erf op om bladeren op te vegen, onkruid te wieden, bloemen te planten. “Maar het gaat natuurlijk óók om het kopje koffie daarna,” zegt Georg. “We vonden onderling contact belangrijk.”
Contact en communicatie zijn woorden die vaak vallen tijdens het interview. “Het maakt niet uit wat je doet of wie je bent, maar ga met elkaar in gesprek. Ik kom van een boerderij in Noord-Duitsland. Maak van je dorp een gezellige plaats, dat is mij altijd bijgebleven.”
Een van de feesten die deze wijk zeker een leuke plek maken, is het Zeeheldenfestival, vindt Georg. “Dat is een geweldige bijeenkomst, ieder jaar weer. Je komt mensen tegen die je twintig jaar niet hebt gezien en die speciaal voor dit festival terugkomen. En het is kleinschalig, dat is fantastisch.”
Het zijn de kleine dingen die een straat, de wijk, een stad, gezellig en leefbaar maken. “Ook de geveltuinen,” zegt hij. Stoeptegels eruit, planten erin. Zelf gaat hij vaak ’s ochtends vroeg of ’s avonds naar buiten om in de straat een struik bij te houden, dode bloemen te verwijderen, planten water te geven. “En als ik dan een specht zie vanuit mijn zolderraam, in deze tijd waarin er steeds minder vogels zijn, minder insecten, dan denk ik; dat kan óók gebeuren.’”
Natuur. Rust. Communicatie. “Dat is voor de toekomst nog veel belangrijker,’ zegt Georg. ‘Contact met je buurman links, rechts en aan de overkant, dat is al iets!”

Dit interview met kunstenaar Georg Hadeler werd eerder gepubliceerd in het Zeeheldennieuws #4, 2019.