1 maart 2021

Uitvaart

By In in opdracht 3 min

Interview met uitvaartbegeleider Eric Cox, artikel gepubliceerd in het Zeeheldennieuws #3, 2020.

Onder de deurbel van Erik Cox staat: grafisch ontwerper en uitvaartbegeleider. Twee totaal verschillende beroepen, zo lijkt het. ‘Toch is de basis dezelfde: de aandacht, de zorg.’
Dertig jaar lang was Erik Cox grafisch vormgever in hart en nieren. ‘Nooit gedacht dat ik ooit iets anders zou doen. Ik ben van het drukwerk: echte kleuren, mooi papier, de hele mikmak.’ Hij maakte talloze boekomslagen en ontwierp onder andere de huisstijl voor Hotel New York in Rotterdam. In loop van de jaren gingen opdrachtgevers zich naar zijn mening echter te veel met de uitvoering bemoeien. Dat anderen bepaalden hoe zijn ontwerpen eruit moesten zien, was zijn eer te na.
Toen kwam, totaal onverwacht, het idee in hem op om uitvaartbegeleider te worden. Hij kreeg de kans om als algemeen medewerker bij een uitvaartcentrum in Scheveningen aan de slag te gaan. ‘En heel snel merkte ik: dit ligt me.’ Hij begon met de opleiding voor uitvaartbegeleiding, gevolgd door een opleiding voor overledenenzorg.
Het viel hem op dat families tijdens de week van de uitvaart vaak te maken krijgen met veel verschillende mensen. ‘Zo veel vreemde mensen die aan de overledenen zitten. Dat is niet goed. Dat moet één persoon doen.’ Daarom doet hij bij zijn eenmanszaak Égards uitvaart alles zelf: van het voeren van de gesprekken met de familie en het verzorgen van de overledene tot het ophalen van de kist bij de leverancier en het rijden van de rouwauto. ‘Iedereen kan een uitvaart verzorgen, zo moeilijk is het niet. Het gaat erom: wie doet het, wie is die man die bij jou over de vloer komt, die met je gaat praten?’
Tijdens de bespreking van de uitvaart denkt hij met de familie mee en draagt hij mogelijkheden aan. ‘Het eerste gesprek is heel bijzonder, omdat de familie je zo snel in vertrouwen neemt. Ik moedig mensen aan zich uit te spreken. De dag van de uitvaart moet voor iedereen goed zijn.’ In principe kan alles bij een uitvaart, zo vertelt hij. ‘Alles is goed. Het hoeft niet per se zo groot met een aula en een koffiekamer. Heel klein kan ook heel mooi zijn.’
Juist omdat hij de uitvaart alleen regelt, is er vaak meer tijd om de familie thuis afscheid te laten nemen van de overledene. ‘Het afscheid gebeurt organisch. Als vanzelf komt het moment waarop de familie denkt: nu zijn we in berusting dat hij of zij overleden is. Nu kunnen we hem laten gaan.’
Hoewel hij zichzelf altijd beschouwde als ‘een formeel baasje’ (misschien niet voor niets verslond hij in zijn jeugd ‘Het ABC der etiquette’), blijkt hem – tot zijn eigen verbazing – ook de informele kant goed te liggen. ‘Ik hoor vaak dat het bij mij zo ontspannen is, zo normaal. Ik word nooit amicaal en toch kunnen er in zo’n verdrietige week ook grapjes zijn, een lichte noot die je ook nodig hebt.’
Op zijn website staat een video van een ballet van Pina Bausch, waarin een vrouw danst met haar ogen dicht. Een man – bijna onzichtbaar in het donker – haalt meubels weg, net voordat de danseres ertegenaan botst. ‘Dat verbeeldt voor mij hoe ik mijn taak als uitvaartbegeleider zie. Dat de familie er in haar verdriet op kan vertrouwen dat alle obstakels door mij weggehaald worden.’
In de week dat hij de familie begeleidt bij de uitvaart gaat hij volledig in zijn werk op. ‘Tegenwoordig hoor je veel over ‘in het moment leven’. Ik wist niet wat dat was, maar nu ik uitvaarten begeleid heb ik het: er bestaat niets anders meer, ik ben alleen maar aandacht. Als ontwerper, als kunstenaar ging het erom wat ík wilde. Nu gaat het erom wat de familie wil. Dat is heel bevrijdend. En het maakt me een gelukkiger mens.’

Beeld: Greg Ortega op Unsplash.